Een oogje in het zeil houden

Sinds de dood van haar man besteedt mevrouw Van Vliet (75) haar tijd aan haar tuin, haar poes en haar buren. Elk jaar maakt ze een mooie senioren-busreis.

Tijdens een reis naar het Zwarte Woud breekt ze haar heup, na een lelijke val. Ze wordt direct geopereerd. De dagen daarna is ze verward.


Aan haar zoon Rogier, die haar dagelijks bezoekt, vraagt ze steeds wat ze in het ziekenhuis doet. Ze is voortdurend haar spullen kwijt en haalt soms ook gebeurtenissen uit de oorlog en het heden door elkaar. Een ambulance brengt haar naar een verpleeghuis in haar woonplaats. In deze vertrouwde omgeving knapt ze goed op.

Als mevrouw Van Vliet weer thuis is, komt Rogier bij zijn moeder eten. Ze hebben meerdere keren gebeld over de afspraak. Desondanks is Rogiers bezoek een blijde verrassing voor zijn moeder. Opgetogen toont ze haar vakantiefoto’s. Ze vertelt honderduit, over de mooie Poolse bossen en de armoede van het Oostblok. En ze zet Rogier hachee voor, zijn ‘lievelingskostje’. Alleen is die al vijftien jaar vegetariër...


Rogier begint zich zorgen te maken. Hij herinnert zich zijn moeders vergeetachtigheid in het afgelopen jaar. Volgens de wijkverpleegkundige wast zijn moeder zich al een tijdlang slecht. Ook is ze snel boos en belt ze hem op rare tijden. Hierna vallen Rogier steeds meer vreemde dingen op: zijn moeder verwaarloost haar tuin, overlaadt haar koelkast met brood en haalt gekke boodschappen.


Na een bezoek aan de huisarts en het onderzoek dat daarop volgt, wordt duidelijk wat er aan de hand is: moeder heeft dementie. Mevrouw van Vliet komt op een wachtlijst voor het verpleeghuis.

In afwachting van opname komt de thuiszorg dagelijks langs en gaat mevrouw drie ochtenden per week naar een psychogeriatrische dagbehandeling. In het weekend houdt Rogier een oogje in het zeil.